Direct naar hoofdmenu / zoekveld
Home / Over Huizen / Dierenwelzijn / Gezelschapsdieren

Gezelschapsdieren

In Huizen hebben veel mensen een of meerdere huisdieren. Dit is goed voor het welzijn van de mensen en heeft (voor kinderen) een opvoedkundige waarde. Mensen (ook ouderen) zijn door huisdieren minder eenzaam, het is goed om voor een dier te moeten zorgen. Huisdieren kunnen soms ook voor overlast en problemen zorgen. Het gemeentelijk beleid richt zich op het voorkomen daarvan.

 

HondenHondenuitlaatstrook

De overlast van hondenpoep is een van de grootste ergernissen van de inwoners van Huizen. De BOA's (buitengewoon opsporingsambtenaar) informeren hondenbezitters en spreken hen aan op hun uitlaatgedrag. Binnen de bebouwde kom moeten honden aangelijnd zijn en geldt er een verbod voor honden op kinderspeelplaatsen, in zandbakken of op speelweiden. Er wordt alleen een uitzondering gemaakt in enkele 'uitrengebieden'. Verder geldt er een opruimplicht van hondenuitwerpselen in de gehele gemeente Huizen, behalve voor de aangelegde hondenuitlaatstroken. Bovendien zijn honden niet toegestaan in het hoofdwinkelcentrum en (seizoensafhankelijk) de stranden. Voor geleidehonden wordt uiteraard een uitzondering gemaakt.

 

Zwerfkatten en andere gevonden dieren

Een vinder van een zwerfdier is verplicht hiervan zo snel mogelijk aangifte te doen bij de politie. Op grond van het Burgerlijk Wetboek is de gemeente vervolgens verplicht een gevonden dier minimaal twee weken op te vangen en te verzorgen. Deze twee weken geven de eigenaar de kans het dier terug te halen. Als de eigenaar zich niet binnen twee weken meldt, is de gemeente bevoegd het dier aan een ander te verkopen of te geven. De gemeente vangt ook andere dieren op, zoals een konijn of schildpad die is ontsnapt. In de praktijk hebben de meeste gemeenten voor deze wettelijke plicht een overeenkomst gesloten met het lokale/regionale asiel. Ook in Huizen is dit het geval en is een overeenkomst gesloten met Dierenasiel Crailo.

 

Gewonde, dode en zoekgeraakte dieren

De Dierenambulance maakt vanuit Huizen zo'n 300 ritten per jaar om gewonde dieren te vervoeren en de identificatie en afvoer van dode dieren te verzorgen. De Dierenambulance beschikt over een universele chiplezer zodat getracht kan worden de eigenaar van het dode dier te achterhalen. Veel zoekgeraakte dieren komen in het asiel terecht als de eigenaar niet opgespoord kan worden. Het chippen van uw dier is dan ook de beste methode om uw dier weer thuis te kunnen brengen.

 

Begraven en cremeren

Voor dierenbezitters van wie het huisdier is doodgegaan, zijn er een viertal opties:

1. kleine dieren (tot 10 kg) begraven in de eigen tuin/omgeving, of worden meegegeven met het eigen huisvuil.

2. men kan het dier (laten) brengen naar een destructiebedrijf.

3. mensen die hun dier willen laten cremeren, kunnen hiervoor terecht in Naarden, waar een crematorium speciaal voor dieren is gevestigd.

4. degenen die hun dieren willen (laten) begraven, kunnen hiervoor terecht in Hoevelaken. Hier bevindt zich de dichtsbijzijnde dierenbegraafplaats.

Uitgelicht


Zoeken