Gemeenteraad stelt de nota Volkshuisvesting vast
De gemeenteraad heeft de nota Volkshuisvesting en de daarin opgenomen beleidsregels vastgesteld. Dat betekent, dat er regels zijn opgenomen over een verhuiskostenvergoeding, bewaking sociale huur en huur- en koopvoorraad en regels voor het bestrijden van het ‘te duur scheef wonen’. Het college mag dit Volkhuisvestingsbeleid gaan uitvoeren.
Beleidsvoornemens
In de nota volkshuisvesting staat een aantal beleidsvoornemens van het college, die nu door de raad zijn vastgesteld. Zo wil het college het aantal sociale huur- en koopwoningen monitoren, om te bewaken dat het aantal niet gaat afnemen. Ook wil het college een verhuiskostenvergoeding beschikbaar stellen voor woningzoekenden, die te duur ‘scheef’ wonen. Maximaal tien personen per jaar kunnen hiervoor in aanmerking komen. Het gaat hierbij om woningzoekenden, die een woonkostentoeslag ontvangen omdat hun inkomen te laag is in relatie tot de huurprijs. Het college wil dat de woningbouwvereniging deze huurders met voorrang voor een goedkopere woning in aanmerking laat komen. Verder wil de gemeente met De Alliantie overleggen om de verhuiskostenvergoeding opnieuw in te voeren, waarbij de kosten (€ 3.000) door beide partijen worden gedeeld. Andere aandachtspunten zijn de uitvoering van het Convenant Energiebesparing Corporatiesector (duurzaam bouwen en het stellen van lange termijndoelstellingen over de bestaande woningvoorraad), nieuwbouwwoningen voor ouderen bouwen volgens het ‘Woonkeur’ en de uitvoering van het Regionale Actie Programma.
Amendement
Door de fracties van VVD, leefbaar Huizen en Dorpsbelangen Huizen is in de raadsvergadering een amendement ingediend. Daarmee stelden zij voor om de zin in de nota: “Vanuit de gedachte dat iedereen zo lang mogelijk zelfstandig moet kunnen wonen, wordt ook aandacht besteed aan betaalbaar wonen voor ouderen met een inkomen uit het midden en hogere segment” te vervangen door: “Er wordt aandacht besteed aan huisvesting van ouderen in het Oude Dorp, waarbij wordt uitgegaan van realisering van betaalbare luxe woningen”. Dit amendement is door de overige fracties verworpen, waarna de nota met algemene stemmen is aanvaard.
Beleidsplan Wmo 2012-2015
Het Wmo beleidsplan 2012- 2015 gemeente Huizen heeft het motto:
“Iedereen is stuurman van zijn eigen leven,
maar soms heb je een loods nodig om de haven te bereiken”
De gemeenteraad is op basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) verplicht om elke vier jaar een beleidsplan Wmo vast te stellen. Dit plan vormt de grondslag voor de uitvoering van de maatschappelijke ondersteuning in de gemeente. De gemeenten uit de regio Gooi en Vechtstreek hebben gezamenlijk de regionale visie 2012-2015 opgesteld. Basis voor deze visie was de succesvolle Huizer aanpak, waarbij de vraag van de klant centraal staat (vraagsturing). Vanuit die basis is het lokale beleidsplan opgesteld.
Uitgangspunten Wmo beleid
Belangrijk uitgangspunt is dat iedereen volwaardig moet kunnen meedoen aan de samenleving. Zelfredzaamheid en eigen verantwoordelijkheid zijn hierbij het uitgangspunt. Daarnaast wil de gemeente de sociale samenhang en leefbaarheid in Huizen bevorderen. Het Wmo loket is de voordeur voor alle Wmo ondersteuning. Het is daarmee duidelijk voor inwoners waar zij terecht kunnen. Eén centraal loket zorgt voor korte lijnen tussen vraag en aanbod.
De gemeente gaat sterker inzetten op de loketfunctie om inwoners nog beter te helpen met een compleet aanbod. Ook wil de gemeente nadrukkelijker de eindverantwoordelijkheid voor de zorg voor inwoners naar zich toetrekken. Daarnaast blijft de eigen behoefte van inwoners centraal staan; mensen kunnen zelf bepalen welke ondersteuning het beste bij hen past.
Gezondheidsbeleid
Gemeenten worden ook geacht elke vier jaar gemeentelijk gezondheidsbeleid te ontwikkelen. De gemeente Huizen heeft ervoor gekozen om het gezondheidsbeleid - gezien de vele raakvlakken - te integreren in het Wmo beleidsplan.
Het Wmo beleidsplan 2012- 2015 van de gemeente Huizen is in de vergadering van de gemeenteraad op 9 februari 2012 unaniem vastgesteld.
Evaluatie Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG)
Iedere gemeente in Nederland heeft de wettelijke taak om een laagdrempelig inloopcentrum in te richten en te zorgen voor een sluitende aanpak: één kind, één gezin, één plan. Het CJG van Huizen is 1,5 jaar geleden geopend in wijkcentrum Holleblok. Voor de verdere ontwikkeling van het Centrum voor Jeugd en Gezin is het van belang om de resultaten tot nu toe te evalueren. Dat is gebeurd. De gemeenteraad ging in de vergadering op 9 februari unaniem akkoord met de evaluatie en de daaruit voortkomende aanbevelingen.
Conclusie
De algemene conclusie is dat de ontwikkeling van het CJG geslaagd is. Inwoners weten het CJG steeds beter te vinden. Wat beter kan is het functioneren van het CJG als netwerkorganisatie. Er worden nog onvoldoende zorgsignalen gemeld en weinig casussen ingebracht rondom gezinnen met meervoudige problematieken.
Aanbevelingen
Voor de doorontwikkeling van het CJG zijn verschillende aanbevelingen aan de gemeenteraad voorgelegd. We noemen er een aantal:
- Het CJG in het Holleblok blijft en houdt haar laagdrempelige functie voor opvoedvragen en kortdurende ondersteuning.
- Het CJG zal zich verder ontwikkelen op het gebied van ‘één kind, één gezin, één plan’. Het doel is om met preventieve ondersteuning zwaardere hulpverlening te voorkomen.
- Voor taken die vanuit Bureau Jeugdzorg naar de gemeenten toekomen wordt gekeken naar een andere locatie dan het fysieke CJG. Zodat er geen vermenging van functies optreedt.
- De vraag van de inwoner staat centraal. De decentralisatie van de jeugdzorg wordt vormgegeven vanuit de Wmo visie; de inwoner voert de regie over de ondersteuning die hij/zij nodig heeft om mee te doen in de samenleving.
Twitter
Facebook
Hyves